''De afgelopen weken is veel gesproken over de vorming van een nieuw bestuur voor Gouda. Sommige partijen weigeren nog altijd mee te werken aan het proces richting een breed gedragen samenlevingsakkoord als alternatief voor het traditionele coalitie akkoord. Niet omdat ze perse tegen een samenlevingsakkoord zijn, maar volgens hen is het proces onzorgvuldig verlopen, omdat zeven partijen al vroeg een richting hebben bepaald en duidelijk werd welke vijf partijen kandidaat-wethouders zouden leveren. Nu is het niet ongebruikelijk en ook nodig dat partijen direct na de verkiezingen met elkaar in gesprek gaan en onderling aftasten welke richting het meest wenselijk wordt gevonden en hoe men aankijkt tegen eventuele deelname aan het college.
Die gesprekken liepen parallel aan de opdracht die de verkenners in de eerste week na de verkiezingen uitvoerden, maar toen er zich al snel een uitkomst van die gesprekken liet zien die een ruime meerderheid in de raad vertegenwoordigde, is dat door de partijen gemeld bij de verkenners. De verkenners hebben dit bij alle partijen getoetst en zij hebben de uitkomst ook in hun rapport overgenomen. Het hoort bij de politiek dat partijen verschillend hierover kunnen denken, en dat moet ook worden gerespecteerd. Dat het proces daarmee onzorgvuldig zou zijn verlopen en vertrouwen is geschonden mag echter ook worden betwist. Hiervoor verwijzen we naar het rapport van de verkenners.
Maar laten we niet blijven vastzitten in het denken van oude politiek. En niet blijven hangen in een debat over poppetjes, posities en machtsverdeling. En wie de wethouders levert.
De vraag die voor Gouda werkelijk van belang is, is immers een heel andere: hoe zorgen we dat de stad de komende jaren goed wordt bestuurd? Niet met de rug, maar met het gezicht naar de samenleving?
Oude politiek: gesloten akkoorden en vaste blokken
We zijn er in Nederland aan gewend geraakt dat een (kleine) meerderheid van partijen na verkiezingen een coalitie vormt en een gedetailleerd akkoord sluit. Daarin wordt voor vier jaar vastgelegd wat er gebeurt en wie op welke punten zijn zin krijgt. Dat lijkt normaal, maar het is geen natuurwet. Het is een politieke keuze het op deze manier te doen. En het is vooral een keuze uit een oude bestuurscultuur.
Want zodra zo'n akkoord er ligt, ontstaan twee blokken: de coalitie die zich aan de afspraken moet houden en de oppositie die vanaf de zijlijn mag toekijken.
Nieuwe inzichten? Veranderde omstandigheden? Signalen uit de samenleving? Te vaak geldt dan maar één reflex: afspraak is afspraak.
Zelfs als afgesproken beleid minder goed uitpakt of inwoners nadelige gevolgen ervan ondervinden, blijft de coalitie liever overeind dan dat men opnieuw naar de gemaakte afspraken wil kijken. Dan wordt de politieke afspraak belangrijker dan de maatschappelijke werkelijkheid. En precies daar haken inwoners op af.
Meer achterkamertjes, minder echte democratie
Bij die oude coalitiepolitiek hoort ook een gesloten manier van besturen. Veel besluiten worden eerst afgestemd in coalitieoverleggen. Fractievoorzitters van de coalitie en college trekken samen op. Coalitiefracties worden geacht loyaal te blijven.
De raad, die het hoogste orgaan hoort te zijn, wordt daarmee te vaak een verlengstuk van het college. Veel mensen herkennen dat gevoel ook uit Den Haag. Denk aan Pieter Omtzigt. Omdat hij bleef doorvragen en zich niet zomaar neerlegde bij wat in coalitiekringen was bedacht, werd hij als lastig gezien. De woorden "functie elders" zijn sindsdien hét symbool geworden van een bestuurscultuur waarin kritische volksvertegenwoordigers eerder hinderlijk zijn dan gewenst. Dat raakte veel mensen, omdat zij voelden: dit is een politiek systeem dat te veel met zichzelf bezig is.
Laten we eerlijk zijn: lokaal herkennen inwoners dat ook regelmatig.
Bewuste keuze voor een samenlevingsakkoord
Gouda heeft geen behoefte aan meer van hetzelfde. Niet alleen omdat de versnipperde verkiezingsuitslag vraagt om een andere aanpak. Maar ook omdat het vertrouwen in de politiek laag is. Juist dan past het niet om opnieuw een dichtgetimmerde meerderheidscoalitie op te tuigen.
Daarom is gekozen voor een breed gedragen samenlevingsakkoord. Dat betekent dat niet eerst in achterkamers tot op detail wordt vastgelegd welke partij welk dossier "bezit", maar dat we eerst met elkaar vaststellen wat de grote maatschappelijke opgaven van Gouda zijn. Denk aan wonen, parkeren, leefbaarheid, veiligheid, bereikbaarheid, zorg en een betrouwbare overheid.
Op die hoofdlijnen wordt een gezamenlijke koers bepaald, nadrukkelijk met ruimte voor inbreng vanuit de samenleving. Dus niet eerst de politieke deal en daarna de inwoners informeren. Maar eerst de inwoners serieus nemen.
Dat betekent ook dat niet alles voor vier jaar wordt dichtgespijkerd. De raad houdt ruimte om op basis van nieuwe inzichten, maatschappelijke signalen en inhoudelijke argumenten keuzes te maken. Dat is geen zwakte. Dat is juist een sterkere democratie.
Niet langer besturen op automatische meerderheden
Deze aanpak vraagt ook iets van wethouders. In de oude politiek kan een wethouder vaak vertrouwen op een vaste coalitiemeerderheid: het stond immers in het akkoord. In deze nieuwe vorm werkt dat niet meer. Een voorstel krijgt dan alleen steun als het een goed voorstel is. Omdat het inhoudelijk klopt. Omdat het uitlegbaar is. Omdat het draagvlak heeft. Het college moet dus de raad overtuigen in plaats van terugvallen op gesloten deals. Daarvoor zijn wethouders nodig die niet alleen geworteld zijn in Gouda en bestuurlijke ervaring hebben, maar ook de raad en samenleving serieus nemen, communicatief en verbindend zijn, en zich dienstbaar opstellen aan de stad. Geen wethouders die besturen vanuit een coalitie akkoord, maar wethouders die werken vanuit vertrouwen.
Hier gaat het werkelijk om
Daarom vinden wij het jammer dat sommige partijen blijven hangen in de vraag wie welke wethouder levert. Want daarmee voeren zij precies de discussie van gisteren.
Deze tijd vraagt iets anders. Niet meer oude politiek die draait om macht, posities en dichtgeregelde zekerheden. Maar een open bestuurscultuur waarin de samenleving weer centraal staat. Geen achterkamertjes, geen coalitiedwang en geen politiek met de rug naar de samenleving.
En meer luisteren. Meer samenwerken. Meer ruimte voor de raad om echt raad te zijn. Dat is niet de makkelijkste weg. Maar wel de weg die Gouda nodig heeft.
Omdat Gouda geen behoefte heeft aan meer van hetzelfde, maar aan politiek die weer van de samenleving wordt.
Namens fractie Gouda Vitaal, Marja van Dijck en Peter van der Zwan
Door: Fractie Gouda Vitaal, Marja van Dijck en Peter van der Zwan