Op 1 oktober vorig jaar ging het proefproject op buslijn 497 van start. Betalen zou je er doen via de blockchain, de technologie achter Bitcoinen de nieuwe Facebookmunt Libra. Een proefproject, maakte men al meteen duidelijk. Toch gaat er heel wat potentieel achter dit project verscholen. Zeker indien de technologie zich op een enkele app en een QR-codescanner baseert.
Mobility as a Service
De Bitcoin-bus komt er heus niet opdat een stelletje techneuten er onder de geur van uitlaatgassen hun Bitcoin profit ervaringen uit de doeken kunnen doen. Het maakt immers deel uit van een groter plaatje. En dat plaatje mogen we Mobility as a Servicenoemen.
Bij Mobility as a Servicemaken reizigers gebruik van verschillende mobiliteitsdiensten, zoals deelfietsen, taxidiensten, bussen en treinen. En tot op heden moet men daarvoor al evenveel applicaties downloaden. Om vervolgens telkens opnieuw abonnementen aan te schaffen en andere betaalmethoden te hanteren.
Via de blockchainkomt men echter met één oplossing voor het integraal mobiliteitsvraagstuk. Niet alleen plan je in één app jouw compleet reistraject, bovendien betaal je ook aan de hand van één uniform systeem. Dit alles zonder dat de kleine partijen de macht van de grote mobiliteitsdienstverleners moeten vrezen: enter blockchain, enter vertrouwen.
Internationale toepassingen
De gebruikte technologie is eenvoudig inzetbaar, waardoor het nationale grenzen kan overbruggen. Wie nu internationaal treint kan daarvoor meteen een internationaal treinticket aanschaffen. Echter is het vaak voordeliger om in de desbetreffende landen gebruik te maken van unieke formules. Nederlandse jongeren die doorheen België treinen weten dat bijvoorbeeld al en kopen net over de grens een Go-Pass in, waarmee ze heel goedkoop tussen twee stations mogen treinen. Handig, maar dat maakt het wel heel ingewikkeld. Via één uniforme applicatie waar talloze Europese dienstverleners op zijn aangesloten, verloopt alles veel transparanter en eenvoudiger. Het kopen van een vervoersbewijs in Hongarije zou dan niet anders mogen zijn dan wat we in Nederland gewoon zijn.
Eenvoudig inzetbaar
Het grootste euvel van het nieuwe systeem blijkt de verwerkingstijd te zijn. Het scannen van de ov-chipkaart gaat gevoelig sneller dan het inscannen van een QR-code. Dat lijkt men op het kantoor van VMC.ai ook wel te weten. Toch blijven ze er trouw aan hun QR-code, omdat het inzetten van chipkaarttechnologie nu eenmaal niet altijd mogelijk is. Met enkel een smartphone en een applicatie is het bijvoorbeeld veel eenvoudiger om uit te breiden. Maar het speelt ook in op de armere landen, waar men wel over een smartphone maar niet over een bankkaart of een vast adres beschikt. En dat maakt dit systeem eenvoudiger inzetbaar dan de chipkaarttechnologie zoals wij het vandaag in Nederland kennen.
Dé garantie op privacy
Het afgelopen decennium kwam privacy steeds hoger op de politieke agenda te staan. Verschillende nationale en internationale schandalen liggen natuurlijk aan de basis. De blockchaintechnologie weet de privacy veel beter te waarborgen door tussenschakels zoals TransLinkte elimineren. Er is immers geen centrale opslag van data meer nodig. Hiernaast hoeft men minder data te verzamelen. Adres- of bankgegevens worden bijvoorbeeld niet opgeslagen, enkel de kale reisgegevens die niet zomaar aan een identiteit te koppelen zijn. Toch biedt het beperkt aantal gegevens een grotere meerwaarde, omdat ze een completer mobiliteitsbeeld schenken. Zo kan men nog steeds de dienstverlening verbeteren, zonder dat jij jouw persoonsgegevens hoeft prijs te geven.
Met de blockchain op de bus: de voordelen?
23 July 2019, 17:17 uur
Algemeen