Column Rik de Jong |
De SGP Gouda sprak zich deze week uit tegen de komst van het homo-evenement Roze Zaterdag naar de stad.
Formeel omdat de partij van mening is dat er geen belastinggeld naartoe zou moeten gaan, maar in het betoog hierover benoemde fractievoorzitter Versteeg ook nog maar eens het SGP-standpunt over homoseksualiteit. Seks hoort volgens hem thuis in een huwelijk tussen een man en een vrouw. Het was hierom dat hij naar eigen zeggen ‘verdrietig’ werd van Roze Zaterdag. Wat een verdriet!
Het is natuurlijk het goed recht van de SGP om deze mening te hebben. We hoeven niet allemaal hetzelfde te denken over dit soort zaken zolang de ander maar met rust gelaten wordt. En juist daarom is het zo jammer dat de SGP in Gouda deze visie op homoseksualiteit zo openlijk ventileert: als geen ander doen reformatorische christenen een beroep op de tolerantie van anderen. Denk bijvoorbeeld aan door de overheid gefinancierd bijzonder onderwijs. Daar hebben heel veel andere mensen problemen mee, maar toch wordt het in stand gehouden. Wederzijdse tolerantie en agree to disagree; een mooie Nederlandse traditie.
Bovendien doet het er helemaal niet toe wat een gemeenteraadsfractie vindt van wat ik allemaal in mijn slaapkamer doe. Versteeg had zich bij zijn betoog dus volledig moeten beperken tot het financiële plaatje van Roze Zaterdag. Dat er geen belastinggeld aan gespendeerd zou moeten worden is natuurlijk een volstrekt legitiem standpunt; hij had zijn veroordelende woorden over de LHBT-gemeenschap dus niet eens nodig. Blijkbaar moest er gescoord worden bij de reformatorisch achterban.
Het zou de SGP dus sieren als de partij juist op dit soort thema’s meer terughoudendheid zou betrachten. Niemand dwingt ze om liberaal te denken over homoseksualiteit, maar een
groep die zelf aanspraak maakt op bepaalde rechten zou die een andere groep ook moeten gunnen. Anders graaf je op termijn je eigen politieke graf.
Rik de Jong is student Politicologie in Leiden, woonachtig in Gouda en als columnist verbonden aan diverse websites.