Inbrekers krijgen 56,1% van de Nederlandse voordeuren moeiteloos binnen 3 minuten open. Dit blijkt uit onderzoek van de stichting Nationale Inbraakpreventie Weken. Tot en met 30 juni 2018 wordt extra aandacht gevraagd voor inbraakpreventie.

Inbrekers slaan hun slag meestal via de achterdeur (36% van de inbraken), maar de voordeur is, na het keukenraam (23%), een goede derde (21%). De achterdeur is slechts in 1 op de 8 woningen voldoende beveiligd, zo bleek al uit eerder onderzoek van de stichting.

Voordeuren
Een op de acht voordeuren heeft een zwak aluminium beslag, vaak herkenbaar aan schroefjes aan de buitenkant. Inbrekers zijn daar met een grote schroevendraaier of koevoet en tang binnen een minuut binnen. Voor het wat steviger beslag zonder goede beveiliging gebruiken ze het zogenaamde cilindertrekken. Het neemt ook dan niet meer dan 2 tot 3 minuten in beslag om zo’n slot open te breken. Alleen voordeuren voorzien van beslag met cilindertrekbeveiliging geven voldoende bescherming.

Een goed beveiligde voordeur verliest zijn beschermende werking echter volledig wanneer deze zomaar wordt dichtgetrokken en niet op slot wordt gedraaid. En dat komt nog vaak voor. Dan is een inbreker met het zogenaamde ‘flipperen’ met een plastic plaatje tussen deur en kozijn in een halve minuut binnen zonder schade achter te laten.

Extra sloten
Van de woningen met een slecht beveiligd voordeurslot heeft 1 op de 13 huishoudens (7,5%) twee goede extra sloten (boven en onder) geplaatst, blijkt uit het onderzoek. Hierdoor moet de inbreker op drie plaatsen aan de slag waardoor hij meestal kiest voor een makkelijker doelwit.