Column Martijn van der Wind |

Gaat Gouda op slot!?

Maandagavond was ik namens CDA Gouda bij de tussenrapportage MIRT A20 van Rijkswaterstaat. Van de drie varianten waar naar gekeken wordt, is die waarin de oprit bij Gouda wordt geschrapt veruit de slechtste, zo moet de objectieve conclusie wel zijn.

De weg kwijt
Want toen uiteindelijk de plussen en de minnen van de drie varianten op een rij werden gezet, was klip en klaar duidelijk dat deze variant het predikaat slechtste keus of afrader verdient. Je moet dus als bestuurder wel behoorlijk de weg kwijt zijn als je voor deze variant zou kiezen. In juli sorteert de Bestuurlijke Afstemmingsgroep (BAG) voor, waarna in september een eerste voorkeursvariant wordt geadviseerd. Uit de presentatie van vanavond lijkt het voor de hand te liggen dat dit variant 1 zal zijn. Het is de variant met het meeste effect en de minste kosten. Variant 3 zal waarschijnlijk het tweede voorkeursalternatief zijn. Waarmee variant 2 in september waarschijnlijk definitief van tafel zal gaan.

Economische malaise
Dat zou voor Gouda en de Krimpenerwaard natuurlijk goed nieuws zijn. En ik vertrouw erop dat de wethouders van Gouda, Zuidplas en Waddinxveen een verstandig besluit nemen als ze in september in de BAG een voorkeur moeten adviseren. Want welke wethouder zou een variant willen steunen die tot economische malaise in de eigen regio leidt? De vraag stellen is hem beantwoorden. Tenminste, dat hoop ik. Want als ik een ding heb geleerd als ondernemer en als politicus dan is het wel dat je iets pas zeker weet als je de handtekening op zak hebt.

Half onderzoek
Wat me nogal verbijsterde waren de antwoorden die ik kreeg op twee vragen die ik stelde tijdens de presentatie. Zo was ik benieuwd wat Rijkswaterstaat gedaan heeft met het voorstel van onder meer GoudaOnderneemt om de snelheid van de verschillende trajecten en richtingen op de A20 en A12 gelijk te trekken. Het antwoord was vrij vertaald: ‘niets’. De interessante vraag is dan: waarom niet? Want snelheid heeft een groot effect op doorstroming en verkeersveiligheid. Dat weet iedereen. Dus als het verkeer het Goudse Aquaduct nadert met snelheden die variëren van 80, 100, 120 tot 130 km/u dan snapt iedereen, zelfs zonder onderzoek, dat dit het ingewikkelde weefprobleem niet makkelijker maakt. De maximale snelheid vanaf Nieuwerkerk (A20), Zevenhuizen (A12) en Reeuwijk (A12) gelijktrekken op bijvoorbeeld 100 km/u kan dus logischerwijs bijdragen aan een betere doorstroming en minder ongevallen. Heel opmerkelijk dus dat dit aspect niet is meegenomen in het onderzoek naar de doorstroming en de verkeersveiligheid van de verschillende varianten.

Snelle oplossingen
De tweede vraag die ik stelde namens Trix de Kruijff van CDA Waddinxveen ging over het treffen van eenvoudige oplossingen. Waarom zijn oplossingen zoals het aanpassen van de belijning bij het aquaduct of het plaatsen van borden bij Gouda die aangeven hoeveel minuten het nog duurt voor de Amaliabrug opengaat nog niet ingevoerd? Of waarom is het effect daarvan op zijn minst niet meegenomen in het onderzoek? Ook dit had de resultaten van de tussenrapportage natuurlijk beïnvloed.

Aap uit de mouw
Aan het eind van de avond kwam de aap uit de mouw en werd ineens duidelijk wat er aan de hand is, toen gezegd werd: ,,We staan voor de opgave om een besluit bestuurlijk mogelijk te maken”. Tja, als je dat hoort, dan weet je als oud-journalist hoe laat het is…