Vandaag is het 5 mei, Bevrijdingsdag. Waard om te vieren. Maar toch nog even het gedicht ‘Ben Ali Libi’ van Willem Wilmink, dat gisteren tijdens de herdenkingsplechtigheid op de Markt in Gouda werd voorgedragen door Jannika Uittenboogaard.

Dit gedicht gaat over Michel Velleman, een joodse komiek die bekendheid verwierf als professor Ben Ali Libi, goochelaar. Velleman werd in 1942 tijdens een razzia in Amsterdam opgepakt en is uiteindelijk in 1943 omgekomen in Sobibor.

Op een lijst van artiesten, in de oorlog vermoord,
staat een naam waarvan ik nog nooit heb gehoord,
dus keek ik er vol verwondering naar:
Ben Ali Libi. Goochelaar.

Met een lach en een smoes en een goocheldoos
en een alibi dat-ie zorgvuldig koos,
scharrelde hij zijn kost bij elkaar:
Ben Ali Libi, de goochelaar.

Toen vonden de vrienden van de Weduwe Rost
dat Nederland nodig moest worden verlost
van het wereldwijd joods-bolsjewistisch gevaar.
Ze bedoelden natuurlijk die goochelaar.

Wie zo dikwijls een duif of een bloem had verstopt,
kon zichzelf niet verstoppen, toen er hard werd geklopt.
Op straat stond een overvalwagen klaar
voor Ben Ali Libi, de goochelaar.

In ’t concentratiekamp heeft hij misschien
zijn aardigste trucs nog wel eens laten zien
met een lach en een smoes, een misleidend gebaar,
Ben Ali Libi, de goochelaar.

En altijd als ik een schreeuwer zie
met een alternatief voor de democratie,
denk ik: jouw paradijs, hoeveel ruimte is daar
voor Ben Ali Libi, de goochelaar.

Voor Ben Ali Libi, die arme schlemiel,
hij ruste in vrede, God hebbe zijn ziel.

Kijk zeker ook naar de voordracht van Joost Prinsen.