Het autobezit in Nederland is de laatste tien jaar het meest toegenomen onder mensen van 75 jaar en ouder.

Volgens cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) heeft nu bijna de helft van alle 75-plussers een auto: 437 per duizend mensen in de hoogste leeftijdscategorie bezit er een. Dat is een derde meer dan tien jaar geleden, toen het statistiekbureau nog 325 auto’s turfde voor iedere duizend inwoners boven de 75.

Jongeren tussen de 18 en 30 jaar bezitten juist minder vaak een eigen auto dan een decennium terug, hoewel er de laatste drie jaar weer een lichte stijging was van 1 procent.

Ouderen hebben niet alleen vaker een auto voor de deur staan, ze zijn ook daadwerkelijk meer gaan autorijden. Volgens de meest recente cijfers hierover, uit 2016, legden 75-plussers gemiddeld 2700 kilometer per jaar af. Dat is 32 procent meer dan tien jaar eerder. In vergelijking met de jongere leeftijdscategorieën is dat wel nog steeds weinig.

Onder jongeren daalde het aantal afgelegde kilometers in dezelfde periode met 14 procent tot gemiddeld 4000 kilometer per persoon. Mensen tussen de 30 en 65 leggen de meeste autokilometers af.