Gouds Dagblad | Verkiezingen als referendum over Rutte III

Verkiezingen als referendum over Rutte III

mainImage
Afbeelding is niet meer beschikbaar

Woningbouw, de aanleg van wegen en spoor, natuurbeleid. Het zijn enkele van de onderwerpen waarbij het provinciaal bestuur een flinke vinger in de pap heeft. Maar veel kiezers zullen op 20 maart in het stemhokje toch de landelijke politiek in gedachten hebben.

Hoewel we de Provinciale Staten kiezen, en zij later op hun beurt de Eerste Kamer, zijn de politiek leiders uit Den Haag toch veel in beeld. En veel oppositiepartijen presenteren deze verkiezing als iets landelijks, als een referendum over het derde kabinet van premier Rutte.

Voor de oppositie is het duidelijk: deze stembusgang is dé kans om de coalitie een meerderheid in de Eerste Kamer te ontzeggen. Zo hopen partijen verregaande concessies af te dwingen - zoals de door GroenLinks bepleite CO2-belasting voor bedrijven - of Rutte III zelfs voortijdig ten val te brengen, een wens die de PVV bijvoorbeeld niet onder stoelen of banken steekt.

De provinciale verkiezingen hebben natuurlijk altijd een landelijk aspect gehad, de samenstelling van de Eerste Kamer hangt er immers vanaf. Daar komt dit jaar bij dat misschien wel het grootste actuele onderwerp in de politiek, het nog te sluiten Klimaatakkoord, iets is waarvan in de uitwerking de provincie een flinke rol zal spelen.

Het kabinet hamert er al sinds Prinsjesdag op dat de crisis voorbij is, en dat de opwaartse lijn is ingezet. Maar veel mensen lijken dat nog niet te voelen, of te geloven. Voor het eerst in vier jaar is het consumentenvertrouwen negatief, zo meldde het CBS vorige maand. Simpel gezegd: er denken meer mensen negatief dan positief over de economie.

Peilingen zijn niet zaligmakend, maar elke prognose wijst erop dat het kabinet zijn meerderheid in de Eerste Kamer kwijtraakt. In een recente van EenVandaag en Ipsos kwam de coalitie uit op 29 zetels, een verlies van negen ten opzichte van de huidige, minimale meerderheid.

De vier coalitiepartijen zullen in de nieuwe senaat op zoek moeten gaan naar steun bij een of meerdere oppositiepartijen. En die zullen hun huid duur verkopen.

Als veel burgers de verkiezingen uiteindelijk als referendum over het kabinet beschouwen, kan dat goed nieuws zijn voor de opkomst. Die ligt bij de provinciale verkiezingen sinds 1995 al onder de 50 procent. Ter vergelijking: de laagste opkomst sinds 1995 voor verkiezingen voor de Tweede Kamer was ruim 73 procent, in 1998.


Door: ANP | Foto: Digitaal Dagblad