Toen P.J. Troelstra in 1918 een revolutiepoging waagde, omdat op de Harskamp militairen aan het muiten waren geslagen, mislukte zijn poging door het neerslaan van de muiterij* en de reacties van het Oranjegezinde deel van de bevolking.
Preventieve maatregelen
Troelstra begreep dat een revolutie pas slaagt als het leger achter de revolutionairen staat. Ook de geschrokken regering begreep dat en kwam snel met maatregelen. Overal in het land werden ‘burgerwachten’ opgericht. Jonge mannen uit conservatieve gezinnen gingen zich fysiek en militair trainen om in geval van nood op te treden.
Ten tweede kregen de potentieel meest revolutionaire steden een kazerne binnen hun grenzen, als huisvesting voor de op papier meest gezagsgetrouwe militaire onderdelen. Amsterdam kreeg de Marechaussee en Rotterdam het Korps Mariniers.
Schutterijen
De burgerwachten waren niet anders dan voortzettingen van de oude schutterijen. Gewapende burgers die in het openbaar oefeningen hielden. In onze stad trokken ze wekelijks in een parade door de stad naar het Schuttersveld in Crooswijk om oefeningen te houden.** De burgerwachten oefenden op open plekken en in gymnastieklokalen. Er ontstond alleen onvrede toen in 1932 het ‘Wien Neêrlands Bloed’ werd vervangen door het Wilhelmus. Sommige burgerwachters bleven het oude volkslied trouw.
Optreden leger
Eigenlijk is het nooit nodig geweest om soldaten in te zetten tegen de eigen bevolking. De keren dat groepen militairen ingrepen, waren dat spontane acties. In 1970 werd de Dam door matrozen en mariniers ‘schoongeveegd’. In onze stad kwamen de mariniers in 1992 in actie toen het op het Centraal Station te bont werd met de drugsoverlast (Perron Nul).
Op die spontane acties reageerde de regering steeds hetzelfde: de militairen werden na onderzoek disciplinair gestraft. Ook toen was de mening van de media anders dan die van de bevolking, die de acties massaal had toegejuicht. De media noemden het ‘gesundes Volksempfinden’*** en handelen vanuit ‘onderbuikgevoelens’. Ook toen al werden de aanleidingen voor het ingrijpen van de militairen verzwegen en gebagatelliseerd.
Frankrijk
De afgelopen tijd hebben we de rellen in Frankrijk gezien. Tuig van de richel kaapte de demonstraties van scholieren. Extreemlinkse activisten en moslimextremisten vielen de politie aan en trokken plunderend door de straten. Auto’s brandden af, winkels werden massaal geplunderd en zelfs woningen werden binnengevallen. De politie kon het niet meer aan! Er vielen tientallen gewonden in haar gelederen.
Het leger
Het leger mag geweld toepassen als het land c.q. de bevolking in gevaar is. Bij de rellen in Frankrijk vroeg ik me af waarom het beruchte Franse Vreemdelingenlegioen niet werd ingezet. Burgers en hun bezittingen liepen gevaar toen hun winkels en woningen werden binnengedrongen. Hun potentiële beschermers zaten in kazernes tandenknarsend naar het scherm te kijken.
In onze kazernes zitten ook duizenden militairen die graag in actie komen. Gebruik ze als dat nodig is. Eén keer hard optreden zal preventief werken.
Het besef dringt langzaam door, want de Marechaussee gaat naar het onleefbare Ter Apel om de politie bij te staan en de Italiaanse premier Meloni stuurde troepen naar Milaan om volgende rellen de kop in te drukken.
Voor het tuig dat straten terroriseert, bestaat maar één regel: oog om oog, tand om tand. En voor de moslims onder hen: het staat ook in hun heilige boek.
De muiterij was niet anders dan het massaal uiten van ongenoegen over het eten. Het bekende liedje ‘Wie heeft er suiker in de erwtensoep gedaan?’ is zo ontstaan.
*Ook hierbij een vooroorlogs liedje: ‘Daar komen de schutters, daar komen ze aan.’
**Misschien de eerste ‘Godwin’? De nazi’s deden vaak een beroep op het gevoel van de mensen.